Op 16 Misra (oftewel 22 augustus) werd het lichaam van onze zuivere maagd St. Maria, Moeder Gods, ten hemel opgenomen. Terwijl zij een wake hield, al biddende in het Heilig Graf en wachtende op het blij moment wafarop zij bevrijd zou worden uit de binding van het lichaam, bracht de Heilige Geest haar het nieuws van haar naderende vertrek uit deze ijdele wereld.
Wanneer haar tijd bijna gekomen was, kwamen de Discipelen tezamen met de Maagden van de Olijfberg (Zeitoun) om de Maagd, die toen op haar bed lag, te bezoeken. Onze Heer, die omgeven was door duizenden engelen, kwam naar haar. Hij troostte haar en vertelde haar over de eeuwige vreugde die haar te wachten stond. Zij was vervuld van blijdschap en strekte haar handen uit om de Discipelen en de Maagden te zegenen. Daarna gaf zij haar zuivere ziel over in de handen van haar Zoon en God, Jezus Christus, die haar opnam in hogere plaatsen. Haar lichaam werd gewikkeld en naar Gethsemane gebracht.
Toen de Discipelen onderweg waren, stonden sommige Joden hen in de weg om hen te beletten de Maagd te begraven. Een van die Joden greep de grafkist vast waarna zijn handen direct loskwamen van zijn lichaam en zo bleven hangen totdat hij geloofde en berouw toonde voor zijn kwaadaardige daad. Dankzij de gebeden van de Heilige Discipelen, werden zijn handen weer aan zijn lichaam gehecht, net zoals vroeger.
St. Thomas die niet aanwezig was toen St. Maria overleed, kwam later aan, na de begrafenis. Toen hij terug onderweg was naar Jeruzalem, zag hij engelen die het zuivere lichaam van St. Maria droegen en het naar de hemel brachten. Een van de engelen sprak hem aan en zei: "Haast u en kus het zuivere lichaam van St. Maria." Bij zijn aankomst bij de rest van de Discipelen, hoorde hij van hen dat St. Maria overleden was. Hij vertelde hen: "Dat zal ik niet geloven totdat ik haar lichaam zie, jullie weten hoe ik eerder ook de Verrijzenis van onze Heer Jezus Christus in twijfel heb getrokken." Ze namen hem mee naar de grafplaats om hem het lichaam te tonen, maar zij vonden het niet, dit liet hen verbaasd en verwonderd achter. St. Thomas vertelde hen dan hoe hij het zuivere lichaam naar de hemel zag stijgen, gedragen door engelen.
De Heilige Geest vertelde hen daarna: "De Heer wilde haar heilig lichaam niet op aarde laten." De Heer had beloofd aan zijn apostelen dat zij haar een andere keer persoonlijk zouden zien. Zij wachtten op de vervulling van de belofte die de Heer had gemaakt en op de 16de dag van de maand Misra zagen zij haar inderdaad. Zij zat rechts van haar Zoon en Heer neer, omgeven door engelen net zoals David had voorspeld toen hij zei: "de Koningin staat aan Uw rechterhand" (Psalm 45:9) De Heilige Maria leefde in totaal zestig jaar op aarde, waarvan twaalf jaar in de tempel, dertig jaar in het huis van de goede St. Jozef en veertien jaar bij St. Johannes de Evangelist zoals de Heer haar had bevolen toen Hij sprak : "Vrouw, zie, uw zoon" en zoals Hij ook St. Johannes sprak en zei: "Zie, uw moeder."
Mogen haar gebeden eeuwig bij ons zijn. Amen.
|